In Twente moeten meer coöperaties van veehouders komen die samen biovergisters bouwen. Daarin wordt mest omgezet in gas. Twente moet een voorbeeld worden voor Nederland. Dat zei René Venendaal van het ingenieursbureau BTG in Enschede maandag op de Rode Loper, de nieuwjaarsbijeenkomst van netwerkorganisaties.

Venendaal is bovendien lid van het bio-energiecluster van de netwerkorganisatie Ondernemend Twente. De Twentse ondernemers krijgen drie zetels in de nieuwe Economic Board. Dit orgaan moet de belangrijkste spreekbuis van de regio worden. In de  Economic Board krijgen ook de Twentse gemeenten en onderwijsinstellingen elk drie zetels. De Twentse ondernemers zetten in op drie zaken: energievoorziening via het vergisten van mest, betere en snellere treinverbindingen met de Randstad en Berlijn en een fonds dat talentvolle jongeren helpt bij de financiering van een woning.

Twente heeft al een biovergister. Zes melkveehouders uit Noord Deurningen winnen biogas uit koeienmest. Het gas gaat van de vergister naar afnemers in Denekamp, twee midden- en kleinbedrijven. De productie per jaar is een miljoen kuub gas, genoeg voor negenhonderd huishoudens. In Noordoost-Twente ligt al een biogasnetwerk van het gasbedrijf Cogas waarop volgens ondernemer Venendaal nog ‘tientallen, zo niet honderden’ boerenbedrijven met een gezamenlijke mestvergister kunnen aanhaken. Uiteindelijk moet de helft van Twente op deze manier van gas worden voorzien.

Deze tekst maakt deel uit van een publicatie van Gerben Kuitert, geschreven voor de Tubantia,