Biogas
- Introductie
- Biomassa
- Techniek
- Organisatie
- Financieel
Introductie
Biogas is een brandbaar gas dat wordt geproduceerd bij de afbraak van organische stoffen door methaanproducerende bacteriën, in afwezigheid van zuurstof. Het proces heet anaërobe vergisting en het vindt plaats in (oa) vuilstortplaatsen, afvalwaterzuiveringen en mestvergistingsinstallaties.
Biogas bestaat vooral uit methaangas (ca 50-60%) en CO2 (ca. 40-50%). Het heeft een iets lagere verbrandingswaarde dan aardgas, maar kan evengoed worden gebruikt voor de productie van warmte en/of elektriciteit. Ook kan het, na reiniging en opwaardering, worden gebruikt als transportbrandstof of worden geïnjecteerd in het aardgasnet.
Biomassa
Voor vergisting wordt over het algemeen natte tot zeer natte biomassa gebruikt. Het betreft met name de volgende soorten:
- In stortplaatsen betreft het organische deel van het gestorte huishoudelijk afval, dwz voedselresten, papier, hout etc. Aangezien het gehalte organische stof in het gestorte afval Nederland steeds kleiner wordt, neemt de beschikbare hoeveelheid stortgas snel af.
- Bij waterzuiveringsinstallaties betreft het de organische stoffen in het te reinigen water (rioolwater, industrieel afvalwater)
- Bij mestvergistingsinstallaties gaat het in eerste instantie om dierlijke mest. Daarnaast wordt in Nederland gewoonlijk tot 50% biomassa bijgevoegd om de gasproductie te vergroten; dit betreft meestal energiemaïs of reststoffen uit de voedings- en genotmiddelen industrie.
- Ook groente- tuin en fruitafval (GFT) wordt in toenemende mate vergist.
Techniek
Voor de productie van biogas worden, afhankelijk van de biomassa-soort, verschillende technieken gebruikt. De belangrijkste zijn de volgende:
- Mestvergisting. Voor het vergisten van dierlijke mest (en reststromen) wordt in Nederland meestal gebruik gemaakt van continue, geroerde vergisters. Dit zijn ronde bakken met een inhoud van gewoonlijk enkele duizenden kubieke meter (m3), waarin dagelijks de te vergisten materialen worden ingebracht en het uitvergiste materiaal wordt uitgenomen. Het gas wordt onder een kunststof zijl bovenop de vergister opgevangen. De vergistingstemperatuur is ca 35 graden Celcius.
- Voor GFT-vergisting wordt gebruik gemaakt van het batchgewijze biocel-proces of het continue Compogas-systeem. In het Biocel-proces wordt het te vergisten materiaal gemengd met reeds vergist materiaal en in een afgesloten ruimte gebracht waar het bij ca 35 graden Celcius vergist. Bij het Compogas-systeem wordt verkleind GFT door een horizontale reactor geduwd, waarbij het gaandeweg vergist. De temperatuur is ca 55 graden Celcius.
Voor het gebruik van het gas wordt nu in de meeste gevallen een WKK-eenheid gebruikt, waarbij de groene stroom aan het elektriciteitsnet wordt geleverd. Deel van de warmte wordt gebruikt voor het verwarmen van het vergistingsproces. De schaalgrootte van de WKK-systemen (en van de vergistingsinstallaties die erbij horen) neemt al jaren gestaag toe. In 2007 was het gemiddelde van de geïnstalleerde vermogen bij (mest)vergistingsinstallaties bijna 1 MWe.
Omdat de mogelijkheden om de geproduceerde warmte te benutten vaak beperkt is, wordt er tegenwoordig ook vaak gekeken naar mogelijkheden om het gas te transporteren naar een plaats waar wél een warmtevraag is, om dan daar de WKK-eenheid te plaatsen. Zo kan er bijvoorbeeld warmte worden geleverd aan een warmtenet of aan de glastuinbouw.
Behalve voor direct gebruik voor opwekking van warmte en elektriciteit zijn er sinds kort ook mogelijkheden om het biogas op te werken tot aardgaskwaliteit. Hiervoor wordt het gereinigd, gedroogd, en ontdaan van (een deel van) het CO2. Het kan dan worden geïnjecteerd in het aardgasnetwerk, of op hoge druk worden gebracht om als transportbrandstof te worden afgezet.
Voor meer informatie over het invoeden in het net, zie http://www.bioenergieclusteroostnederland.nl/downloads/rapport-groen-gas-energietransitie.html.
Vergunningen
Voordat een vergistingsinstallatie gebouwd en in gebruik genomen kan worden dienen er verschillende vergunningen aangevraagd te worden. Sinds kort is er een website online van Schoonderbeek en partners, Stimuland en de Provincie Overijssel waarop deze vergunningen duidelijk zijn samengevat. De website is te bereiken op http://www.vergunningswijzerbiogas.nl/.
Organisatie
Bij een vergistingsproject zijn vaak verschillende partijen betrokken. Afhankelijk van de opzet zullen deze een andere rol hebben.
- In de meest gebruikelijke situatie zal een agrarisch bedrijf een vergistingsinstallatie aanschaffen en zelf bedrijven. De mest komt van het eigen bedrijf, grondstoffen voor covergisting worden ingekocht via een handelaar of zelf geproduceerd. Het digestaat wordt afgezet op eigen land en dat van anderen, in de directe omgeving. Elektriciteit wordt verkocht aan een elektriciteitsmaatschappij.
- Een variant op bovenstaande is een vergister die de mest van verschillende agrarische bedrijven vergist. Deze kan in eigendom zijn van de betrokken agrariërs, in een maatschap, of van een derde, bijvoorbeeld een loonbedrijf.
- Indien het gas niet bij de vergister in een WKK wordt gebruikt, zal het in een WKK-eenheid elders worden toegepast. Het gas wordt dan aangekocht door een energiemaatschappij, die ook de WKK in eigendom heeft, en de verkoop van warmte en elektriciteit voor haar rekening neemt. Zo zal ook bij de productie van groengas het gas worden geleverd aan een energiebedrijf.
- Als het gas van verschillende vergisters wordt verzameld voor verwerking (tot Groengas of in een WKK) kunnen infrastructuur en verwerkingseenheid door de agrariërs zelf worden beheerd of door een derde.
Momenteel is er voor 2011 nog geen definitieve SDE-regeling ter ondersteuning van biogas vastgesteld. Wel is er een voorstel naar de kamer gestuurd ter beoordeling, genaamd de SDE+ regeling. Deze regeling verschilt van de oude SDE-regeling doordat het subsidieplafond geldt voor alle conversietechnieken te samen en dus niet meer per conversietechniek is. Daarnaast wordt de SDE+ regeling in fasen opengesteld, waarbij het subsidiebedrag in de eerste fase lager is dan in de daaropvolgende fasen. De nieuwe SDE regeling kan als volgt samengevat worden:
|
Fase |
I |
II |
II |
IV |
|
Maximum basisbedrag per fase elektriciteit |
9 ct/kWh |
11 ct/kWh |
13 ct/kWh |
15 ct/kWh |
|
Maximum basisbedrag per fase groen gas |
79 ct/ Nm³ |
97 ct/Nm³ |
114 ct/Nm³ |
132 ct/Nm3 |
|
|
||||
|
Basisbedrag per technologie |
RWZI/AWZI en stortgas elektriciteit of groen gas (6,0 ct/kWh en 28.7 ct/Nm³) |
|||
|
AVI’s (6,2 ct/kWh) |
||||
|
Waterkracht ≥ 5m (7,2 ct/kWh) |
||||
|
RWZI/AWZI en stortgas groen gas (28,7 ct/Nm³) |
||||
|
Allesvergisting groen gas (73,8 ct/Nm³) |
||||
|
Vrije categorie (9 ct/kWh) (79 ct/Nm³) |
Wind op land (9,6 ct/kWh) |
|||
|
|
Mest covergisting groen gas (83,1 ct/Nm³) |
|||
|
|
Vrije categorie (11 ct/kWh) (97 ct/Nm³) |
Biomassaverbranding > 10 MW (12,1 ct/kWh) |
||
|
|
|
Waterkracht < 5m (12,3 ct/kWh) |
||
|
|
|
Vrije categorie (13 ct/kWh) (114 ct/Nm³) |
Allesvergisting elektriciteit |
|
|
|
|
|
Vrije categorie (15 ct/kWh) (132 ct/Nm³) |
|
De brief naar de kamer waarin de nieuwe regeling wordt voorgesteld is alhier te vinden.
Daarnaast zijn er enkele fiscale regelingen die van toepassing kunnen zijn op (onderdelen van) de investering (zie vorig hoofdstuk).
De condities voor biogas zijn sterk verbeterd in vergelijking met het voorgaande jaar. Het blijft echter zeer sterk situatie-afhankelijk of een vergistingsproject uitkan. Enkele algemene overwegingen zijn de volgende:
- Vergisting van alleen mest is in Nederland niet rendabel. Hiervoor is de gasproductie per m3 reactorvolume te laag. Er zal dus altijd covergistingsmateriaal worden toegevoegd; de prijzen daarvan blijken in de praktijk sterk samen te hangen met de mate waarin ze tot extra biogas – en dus extra opbrengsten – leiden.
- GFT-vergisting dient primair te worden gezien als een vorm van verwerking, waarbij energie vrijkomt. Hiervoor geldt dat een innametarief voor het GFT benodigd is (verwerkingskosten) – de opbrengst van de energieproductie alléén is niet voldoende voor het afdekken van de kosten.

-
Eindverbruik bio-energie groeit slechts licht in 2011 Het finale eindverbruik van bio-energie is in 2011 slechts licht gegroeid. De groei bedroeg 0,2 PJ waarmee het totale finale eindgebruik van bio-energie...
- 1
- 2
- 3
- 4
- 5
- 6
- 7
- 8
Kansenkaart Bio-energie
Het Bioenergiecluster Oost Nederland heeft samen met de provincie Overijssel een kansenkaart voor bio-energie. Het doel van de kaart is het aanbieden van zoveel mogelijk openbare informatie voor initiatiefnemers die duurzame energie uit biomassa in Overijssel willen produceren. Deze kaart richt zich vooral op de kansen voor vergisting van biomassa voor de productie van biogas.